Als het gaat om tarieven

Als het gaat om tarieven
23-02-2018 11:00

Het was al een tijdje prachtig weer, de zon scheen uitbundig. Iemand vroeg me of ik nog een weekje vrij nam om ervan te genieten. Als zelfstandig ondernemer, ‘eigen baas’, kon je dat toch gemakkelijk doen, dacht hij misschien (waarschijnlijk). Ik zei hem dat wij zzp’ers geen ‘vrije dagen’ hebben, maar dat er dagen zijn waarop we besluiten niet te werken. En dat dat tegelijk betekent: een zonnige week niet gewerkt, is een week geen inkomen. Dan leef ik dus van het ‘vakantiegeld’ dat ik met mijn opdrachten heb verdiend.

 

Dat vakantiegeld zit in het tarief waarvoor ik werk. En eerlijk: met dat tarief mag ik blij zijn. Het is niet zomaar een bedrag, maar zorgvuldig opgebouwd. Want ik moet er ‘alles’ van betalen. Niet alleen vakantiegeld; ik moet ook zorgen dat ik pensioen opbouw, dat ik me verzeker voor als ik ziek of arbeidsongeschikt word. Ik wil kunnen investeren in opleiding en ontwikkeling. Ik heb kantoor-, marketing, ICT- en overheadkosten. Veel mensen realiseren zich dat niet als ze het bedrag horen dat ik vraag.

 

De meeste van mijn opdrachtgevers gelukkig wel. Ik voel me dan ook een gezegend zzp’er, die blij is met het werk dat ze doet. Want er zijn genoeg opdrachtgevers die mij in willen huren om wat ik kan, om wat ik doe en om wie ik ben. Een professional die een vak verstaat waar ze zelf geen weet van hebben, en die ze waarderen. Daardoor kan ik een zelfstandig inkomen verwerven waar ik goed van kan leven.

Helemaal vanzelfsprekend is dat niet. De posities van zzp’ers is complex en minder vanzelfsprekend dan veel mensen denken. Het polderoverleg over een sociaal akkoord is mislukt. Het grootste pijnpunt was daarbij de flexibilisering van de arbeidsmarkt en de toegenomen onzekerheid voor veel werkenden in Nederland.

 

Hoe ga ik daarmee om? Om voldoende zekerheid te krijgen, wil ik natuurlijk zoveel mogelijk klussen draaien tegen een zo goed mogelijk tarief. Maar dat tarief bepalen is best lastig! Het is een zorgvuldig opgebouwd bedrag zei ik eerder, waarin uiteraard ook de beloning voor de hoeveelheid werk is opgenomen. Die is niet altijd gemakkelijk te schatten. Natuurlijk staat er voor elke euro die ik offreer, dito werk tegenover. Maar vaak gaan er méér uren in zitten dan iemand zich realiseert en dan de factuur verantwoordt. Wiskundige en veelgevraagd spreker Ionica Smeets heeft er een mooie column over geschreven in de Volkskrant. Ze doet daar haarfijn uit de doeken dat een presentatie van dertig minuten op een congres haar “alles bij elkaar makkelijk twee complete dagen kost[1]”.

 

Ik mag mijn prijs dan weloverwogen en naar eer en geweten opbouwen, soms schat ik tóch niet goed in wat opdrachtgevers in gedachten hebben. Het gebeurt dat ik denk de klus in de pocket te hebben, maar toch ‘te duur’ blijk te zijn. Niet zelden is het congres dan geboekt op een prachtig locatie, met een verantwoorde cateraar en met sprekers die ‘gratis’ beschikbaar zijn. Maar het komt ook nog wel eens voor dat ik achteraf  ‘te goedkoop’ blijk te zijn. Dan ben ik er bijvoorbeeld achter gekomen dat de ludieke act van een kwartier aan het einde van de dag net zoveel kost als mijn gehele inzet inclusief intensieve voorbereiding! En ten slotte zijn er opdrachtgevers die denken dat ik het ‘om niet’ zal doen, net zoals de vorige dagvoorzitter (hoogleraar X, CEO Y). Eraan voorbijgaand dat die vooral voor eigen eer en glorie optrad en aan het eind van de maand netjes zijn maandsalaris gestort krijgt.

 

Gelukkig zijn dit uitzonderingen en zien steeds meer mensen in dat een goede dagvoorzitter nodig is om de inhoud van een dag op aansprekende wijze, op een rij en boven tafel te krijgen. En dat op zo’n manier, dat het publiek zich uitgenodigd en uitgedaagd voelt. Zij begrijpen dat dit voorbereiding en vakmanschap vraagt. En dat dergelijk vakmanschap een prijs kent.

Dus als iemand mij vraagt of ik nog een weekje vrij neem …

 

[1] . “Ik moet de vorm en inhoud met jullie overleggen, de juiste voorbeelden opduiken, een presentatie maken en oefenen. Op de dag zelf kom ik naar jullie afgelegen landgoed (in totaal vijf uur reizen), ben ik een uur van tevoren aanwezig om de techniek te testen en blijf ik op verzoek van jullie nog tot na de pauze zodat ik vragen kan beantwoorden. Na afloop stuur ik jullie netjes mijn presentatie en aanvullende informatie voor de deelnemers” – Ionica Smeets.

reacties  0 reacties reageren

No guts no glory...

No guts no glory...
05-12-2017 16:37

Meestal voel ik precies op welk moment ik kan ingrijpen. Wanneer ik tijdens een debat iemand kan onderbreken, vragen of hij of zij wil afronden, soms zelfs ‘terugplaatsen in z’n hok’. Dat is wel eens nodig, en dat is ook mijn rol: het gesprek leiden, een debat sturen, mensen tot hun recht laten komen en anderen ‘dimmen’.

 

Tijdens debatten over belangrijke - vaak maatschappelijke - onderwerpen, die ik regelmatig mag leiden, moet ik de touwtjes goed in handen houden. Er nemen meestal veel belanghebbenden aan deel; en soms, met verschillende belangen op het spel, laaien dan de emoties op. Als dagvoorzitter beweeg ik daar behoedzaam tussendoor; alsof ik in een zee zwem, waar sommige dieren elkaar te lijf gaan en andere zich proberen te verschuilen voor dat geweld. Ik probeer ze tevoorschijn te laten komen, ze uit te lokken en te betrekken. En de vechters soms uit elkaar te halen. Dat is spannend.

 

Ik moet voorzichtig laveren, maar ook de regie houden en ingrijpen als dat nodig is. Soms in een split second – bijna zonder erbij na te denken - een keuze maken om iets te doen of te zeggen, want no guts no glory. In de meeste gevallen gaat dat goed; maar ik kan me een keer herinneren dat het minder goed uitpakte. Dat bleek later.

 

Ik leidde een serie debatten; pittige bijeenkomsten over een onderwerp dat de samenleving raakte. Mijn publiek bestond uit wetenschappers, vertegenwoordigers van belangengroepen, burgers, politici, mensen uit het bedrijfsleven. Allemaal meer dan ingevoerd in het onderwerp, zeer betrokken, goed van de tongriem gesneden, enthousiaste mensen. We hadden een interactieve opzet gekozen: het programma gedurende de avonden was helemaal geënt op discussie en debat, om uit te komen op uitkomsten en antwoorden op vragen. Ik had wetenschappers op het podium die met elkaar in gesprek gingen. De zaal kwam veelvuldig aan het woord, er waren kenners die hun menig gaven over het onderwerp, tussendoor was er muziek, het bruiste! En gaandeweg werden de deelnemers steeds enthousiaster, we kregen het gevoel dat we samen echt iets bereikten.

 

Tijdens de laatste avond hing een soort euforie in de lucht. We gingen naar een eindconclusie toe. Voor het slotdebat hadden we een hooggeplaatste Europese vertegenwoordiger uitgenodigd, een gast die de ruimte moest krijgen. En die gaf ik hem natuurlijk ook. Maar ik moest ook rekening houden met de anderen, met grote namen uit politiek en wetenschap, die een podium moesten krijgen; het was een kunst om een goed evenwicht te vinden. En in mijn gevoel lukte dat ook. Ik was blij, had op de toppen van mijn kunnen geacteerd, want gewaagd blijven aan een dergelijk publiek, met zoveel partijen, vraagt voortdurende oplettendheid.

 

Toen, in die euforie, in the heat of the moment, permitteerde ik me een grapje te maken over wat er nog te doen was voordat de conclusie op papier kwam. Het was in de aanloop naar de afronding en ik reageerde misschien wat overmoedig door mijn blijdschap te uiten in een grap. Dat bleek geen gelukkige keuze. Want de opdrachtgever was helemaal niet blij geweest met mijn opmerking, wist iemand uit zijn omgeving mij al snel na afloop te vertellen. Het was een klap in m’n gezicht: ik was zo open op dat moment, opgetogen over het succes, want dat was het - werkelijk iedereen toonde zijn tevredenheid, ze waren onder de indruk van inhoud en het resultaat van de reeks debatten, maar ook van mijn aandeel daarin. Op een dergelijke feedback had ik totaal niet gerekend. Een fantastische reeks sloot af met een domper, door één minder goed ontvangen opmerking. Wat kon ik doen? Ik heb excuses gemaakt, waarbij ik merkte dat mijn opdrachtgever niet verwachtte dat zijn opmerking bij mij terechtgekomen was. Hij wuifde het, enigszins gegeneerd, weg. Toch was ik van m’n stuk, het voelde als een kater. Dankzij wijze woorden van mijn partner kon ik het later relativeren. Ik moest het niet groter maken dan het was, want alles wat aandacht krijgt, groeit.

 

Eigenlijk was het niet meer geweest dan een storm in een glas water.

reacties  0 reacties reageren

‘Tipgever’

08-06-2017 09:59

‘Hoe word je dagvoorzitter?’, vragen mensen me wel eens. ‘Is er een opleiding die je kunt volgen?’ Nee, die is er niet. Je leert het vak door het te doen, door van collega’s feedback te vragen en ervaringen te delen. In onze vakgroep GoedeDagvoorzitters bespreken we goede en minder goede voorbeelden, geven elkaar commentaar en complimenten, en hebben het over nieuwe ideeën. We vragen sprekers die ons op specifieke gebieden scholen, zoals interviewen, en leren bij. Laatst hebben we tips op papier gezet. Die kunnen helpen als je gevraagd bent een congres of bijeenkomst te leiden. En ze geven al enig inzicht als je de ambitie hebt dagvoorzitter te worden, of aan het begin van zo’n carrière staat.

 

Ga op zoek naar de taboesWaarover mag het tijdens het congres/de bijeenkomst níet gaan? Stel jezelf (en later de opdrachtgever) die vraag in je voorbereiding. Ga op zoek naar de taboes en de schuurranden. Want als je die hebt ontdekt, heb je vaak de urgentie van de dag te pakken. Meestal weet het publiek al lang (onbewust en intuïtief) waarover het werkelijk zou moeten gaan, maar waar in de praktijk vaak omheen gedraaid wordt. Door juist die no-go-area met je opdrachtgever bespreekbaar te maken, trek je er voor een deel de angel uit. Zo ontstaat  lucht en ruimte in de voorbereiding, die ook de dag zelf positief zal beïnvloeden. Het congres of de bijeenkomst krijgt een werkelijk toegevoegde waarde omdat het gesprek gaat over de essentie van het onderwerp.

 

Ken je publiekVraag van tevoren de deelnemerslijst op. Informeer bij je opdrachtgever welke verschillende actoren en stakeholders aanwezig zullen zijn. Onderzoek van te voren al op welke manier de verschillende doelgroepen die op de dag aanwezig zijn, geraakt worden door het thema. Krijg zicht op het krachtenveld van belangen, macht en afhankelijkheden. Kortom: neem een voorsprong!

 

Koester je publiek. Zorg dat je al bij de inloop aanwezig bent en leg alvast contact met sprekers en deelnemers. Geef, bij de start van de dag,  inzicht door de  verschillende doelgroepen te onderscheiden: bijvoorbeeld door ze de hand te laten opsteken, door ze verschillende kleurenbadges te geven of door ze  expliciet welkom te heten.

 

Straal onafhankelijkheid en vertrouwen uit Benadruk je onafhankelijke positie. Ik benoem dit altijd  expliciet: dat ik een onafhankelijke voorzitter ben, dat ik geen enkel belang dien en dat ik zonder last of ruggenspraak vandaag de dag leid. Met als relativerende grap erachteraan dat ik natuurlijk wél een factuur stuur naar de organisatie. Het benadrukken van je onafhankelijkheid is ook belangrijk om de discussie open en toegankelijk te maken.

Benoem het overigens niet alleen, maar laat ook zíen dat je onafhankelijk bent. Dat doe je door van positie te wisselen: je gaat dan weer de zaal in, dan weer ben je op het podium. En door verbanden te leggen en iedereen uit te nodigen mee te praten.

Laat ook zien dat je in charge bent, mensen willen zich alleen ‘overgeven’ als het  veilig is.

 

Verdeel de machtBen je gesprekleider bij een bijeenkomst tussen gemeente en bewoners bijvoorbeeld, zorg er dan voor dat degene met de minste macht het ‘langst’ aan het woord is. Geef een podium aan de minderheidsstem, rem de dominante sprekers en herken de usual suspects.

 

Durf nee te zeggen Voel je wantrouwen bij de opdrachtgever? Klikt het niet? Sla de opdracht dan af. Jammer van het geld misschien, maar de kater – die je onvermijdelijk na afloop krijgt als je de klus toch aanneemt – is veel erger. En terugvragen doen ze je toch niet!

 

Volg je gevoel en intuïtie Durf op de dag zelf te handelen in het moment, vertrouw op je instinct, luister oprecht, wees nieuwsgierig en voel wanneer een wending nodig is. Ben er helemaal, zet jezelf open en aan. Niet bellen of appen vlak voor de start, maar focus en geef jezelf voor de volle 100%.

 

En ten slotte … geniet van dit wonderlijke, mooie en eervolle vak. 

 

reacties  0 reacties reageren